Bovenkant menu

Home > Onderzoek naar AGA's > Wat betekent het om een alimentaire geÔnduceerde aandoening te hebben?

Wat betekent het om een alimentaire geÔnduceerde aandoening te hebben?

Het hebben van een alimentaire geÔnduceerde aandoening is tweeledig: simpel maar heel
lastig.

Simpel, omdat je precies op papier krijgt wat je wel en niet mag eten of alleen in rotatie.
Kortom het is jouw gebruiksaanwijzing op papier. Simpel toch?

Maar lastig, omdat het een levenslange consequentie heeft, je zult je er altijd strikt en
100% aan moeten blijven houden. Levenslang dus.

Daarbij maakt de voedingsindustrie en levensmiddelen fabrikanten het ons AGA
patiŽnten zeker ook niet gemakkelijk.

Niet altijd staat op het product wat erin zit, zeker ook omdat ze daartoe niet verplicht zijn
door de overheid of Europees parlement. Zo ook hoeft een fabrikant alleen een kleine lijst
van ingrediŽnten te noemen of alleen als het meer dan een bepaald percentage van het
totaal is. Helaas voor iedereen met een AGA.

Het belang van levensmiddelen fabrikanten is uiteraard om geld te verdienen, dus
moeten ze voedingsmiddelen maken die vooral lekker zijn en veel en vaak verkocht
worden. Ze stoppen daarom van alles in zo een voedingsmiddel, als het maar lekker is en
verkocht wordt.

Neem nu het ingrediŽnt -vanille- en -vaniline *)-, het is een smaakmaker, en het zit
eigenlijk in alles wat lekker is. Maar niet altijd staat op het etiket dat er -vanille of vaniline-
in zit, soms staat alleen op dat er een aroma in zit. Ja, en aroma kan dan van alles zijn, en
dus ook vanille of vaniline.

Alle patiŽnten moeten daarom dagelijks intensief met hun eten en drinken bezig zijn en
alles uitzoeken. Dit is heel erg lastig en soms bijna onmogelijk. De levensmiddelen
fabrikanten willen zelden meerwerken en geven vaak geen antwoord op vragen van
patiŽnten, helaas.

*) vaniline is een kunstmatige gemaakte bijna kopie van vanille. Iedere smaakmaker fabrikant maakt een
andere chemische vaniline. Vaniline lijkt (mimiekt) meestal zo een 2-3 % de natuurlijke vanille.

De levensmiddelen fabrikanten en het Voedingscentrum stellen dat -vanille en vaniline-
ongevaarlijk is. Zij stellen dat zij dat zelf hebben onderzocht. Tja, en dat is nu precies waar
het om gaat. Vanille en vaniline zijn natuurlijk ook niet gevaarlijk of giftig (toxisch), want
als je vanille kan verdragen heb je geen enkel probleem met deze stoffen.

Dit is hetzelfde als met de pinda. Als je geen reactie hebt na het eten van een pinda, is
pinda geen probleem. Maar er zijn mensen, die alleen al na het zoenen van iemand die
een pinda of pindakaas heeft gegeten al kunnen overlijden. Dus voor hen is pinda wel
heel erg gevaarlijk.

Dit betekent dat als deze fabrikanten onderzoeken hebben gedaan naar vanille en
vaniline bij personen, die deze stoffen 'toevallig' volledig verdragen dan concluderen zij
dat dit voor iedereen geldt. Dat is dus onjuist en niet waar, je mag niet op basis van toeval
concluderen noch generaliseren in de wetenschap. Dit is een discussie die al heel lang
wordt gevoerd en door sommige wetenschappers angstvallig aan vast wordt gehouden.
Voor het 'goede doel' namelijk voor de industrie, die geld wil verdienen.

Dit is zeker ook een reden waarom VIDA is opgericht. Nu kunnen we ons gaan
organiseren en sterk maken. Naar fabrikanten gaan schrijven en uitleggen waarom het zo
belangrijk is voor ons om te weten wat er in zit.

we kunnen dan deze informatie op deze website www.vinkipedia.com zetten.
Hier bouwen de VIDA leden hun eigen wereldwijde database over de ingredienten
in voedingsmiddelen, zodat ze eenvoudig kunnen zien welke voedingsmiddelen wel
en niet kunnen innemen.

Het kan simpel met een code op het etiket, die je dan verwijst naar een speciale website.
Op deze website kun je dan lezen wat er allemaal in zit. Zo wordt deze informatie je niet
opgedwongen, maar alleen als je het wil of moet weten, kun je het opzoeken.

Het wordt hoog tijd, dat deze informatie beschikbaar komt voor iedereen met een AGA.